wat teamleider Nigel Koomen leerde door zelf weer voor de klas te staan

Meer taal door meer verbinding

In september 2025 stond teamleider Nigel Koomen voor het eerst in jaren weer voor de klas. Dat bracht hem mooie inzichten die hij graag met ons deelt. ‘We hebben het afgelopen halfjaar veel ingezet op samenwerking tussen leerlingen. En wat bleek? Er ontstond veel meer taal!’

Aandacht voor sociaal-emotionele ontwikkeling

Aandacht voor sociaal-emotionele ontwikkeling

Tot de kerstvakantie gaf Nigel 1 dag in de week les aan groep 6/7. In diezelfde tijd stond het team voor een interessante opgave, vertelt hij. ‘We wilden meer aandacht besteden aan sociaal-emotionele ontwikkeling in de klas. Heel fijn dus dat mijn collega-teamleider wat taken van mij kon overnemen, zodat ik hier in samenwerking met de leerkracht en logopedist aan kon bouwen. Want in de bestaande structuur van stillezen, technisch lezen en dictee, kregen wij het gevoel dat we als docent veel aan het zenden waren. Maar taalontwikkeling is juist óók met elkaar communiceren. Dus we gingen op zoek naar ruimte: waar kunnen we de leerlingen op een betekenisvolle manier samenbrengen, en zo taal stimuleren in verbinding?’

Kinderen zochten elkaar meer op

Kinderen zochten elkaar meer op

‘Samenwerken was het voornaamste doel en dat kreeg allerlei vormen’, vertelt Nigel. ‘Een keertje kletsen in plaats van voorlezen, naar buiten met een rekenles, samen een muurschildering maken, naar het museum, met elkaar een landkaart tekenen ... Er ontstond veel meer taal! We merkten dat kinderen veel meer vragen begonnen te stellen, elkaar meer opzochten, elkaar meer ondersteunden. Verschillen zijn er altijd, maar als geheel bereikte de groep meer. En dat merkten wij onderling als collega’s ook. Om de samenwerking tussen leerlingen mogelijk te maken, merkten we dat wij elkaar ook steeds meer opzochten en samen meer bereikten. Mooi om te vertellen: maar liefst 5 leerlingen stromen aan het eind van dit jaar terug naar het regulier onderwijs. Dat is toch vrij bijzonder in groep 6/7.’

Wat heeft dit kind nu nodig?

Natuurlijk kun je in zo’n korte tijd moeilijk zeggen: de resultaten zijn 100 procent het gevolg van de andere aanpak. Maar het lijkt erop dat de ruimte kinderen goed doet. Nigel: ‘De focus verschuift en er ontstaat meer vertrouwen. Zo hebben we een jongen in de klas die ontzettend bang was om te rekenen. Hij reageerde heel heftig zodra de rekenles begon. Als je als leerkracht dan geen ruimte ervaart, kun je al gauw gefrustreerd raken. Je bent immers bezig met ‘wat moeten we aan het eind van de dag af hebben?’, en dat lukt dan niet. Maar als je de structuur op dit soort momenten kunt loslaten, kun je je richten op ‘wat heeft dit kind nu nodig?’ Dan kan een kind groeien. Niet alleen als het gaat om leerrendement, maar vooral ook als het gaat om werkhouding.’

Ervaren dat het werkt

Misschien lees je dit en denk je: dit wil ik ook. Maar waarschijnlijk voel je dan ook de vraag: hoe pak ik dit aan? ‘Idealiter heb je hiervoor de nodige ruimte, tijd, focus en visie. Daarvoor is het belangrijk dat er enthousiaste teamleiders, leidinggevenden en kwaliteitscoördinatoren zijn om zo’n proces te begeleiden’, weet Nigel. ‘Maar zelfs als dat nog niet loopt, kun je vandaag nog een kleine start maken. Praat eens met collega’s. Zien anderen ook mogelijkheden? Bij ons op school gaan we binnenkort bijvoorbeeld praten met andere leerkrachten in de bovenbouw: kunnen we samenwerking tussen leerlingen in verschillende klassen stimuleren? Het allerbelangrijkste is dat je samen kunt ervaren dat en hoe het werkt. Daar begint het.’